De RÉDACTEUR EN CHEF van een Franse krant is eigenlijk een CONDOTIERRE, een huurlingenleider: hij vecht met zijn collonnes, en verdedigt de belangen en de passies van de partij die hem ingehuurd heeft met haar subsidies, of met een gewaarborgde oplage. De onderredacteurs, zijn luitenants en soldaten dus, gehoorzamen gedisciplineerd, en ze geven hun artikelen de verwachte tendens en kleur. Hierdoor bereikt zo'n krant een éénheid en een precisie, die wij in de verste verte niet genoeg kunnen bewonderen. De strengste discipline heerst hier, niet alleen in de gedachte, maar ook in de formulering. En als het dan eens voorkomt, dat de een of andere verstrooide medewerker een commando niet goed gehoord heeft, en een stuk schrijft dat niet helemaal aan de CONSIGNES beantwoordt, dan snijdt de RÉDACTEUR EN CHEF in het vlees van dat opstel, met een militaire onbarmhartigheid die bij géén Duitse censor te vinden is. Stel nu: er komt iemand bij die man aan met een stuk, dat de welbepaalde doeleinden van de krant niet echt schijnt te bevorderen: het stuk behandelt bijvoorbeeld een thema waar het publiek geen direct belang bij heeft – en tenslotte is die krant hùn Orgaan – ...dat stuk wordt streng afgewezen, met de sacrale woorden: "CELA